1. Inschrijvingen van leerlingen1. Voorafgaand aan de eerste inschrijving van een leerling (= de eerste opname van de leerling in het leerlingenbestand van de school of de heropname na een onderbreking van één of meer schooljaren), stelt de school de betrokken personen en de leerling in kennis van het schoolreglement en van het pedagogisch project van het schoolbestuur en van de school. De ouders en de leerling krijgen op hun verzoek toelichting bij dit project en het schoolreglement.
De inschrijving van de leerling wordt genomen na instemming (= akkoord) van de betrokken personen met dit project en het schoolreglement. Met andere woorden, als de ouders niet instemmen, is er geen sprake van een inschrijving.
De inschrijving wordt definitief wanneer de persoon zich akkoord verklaart via het ondertekende document uit de infobrochure en wanneer de leerling zich de eerste schooldag aanmeldt.
2. Bij de inschrijving dient een wettelijk document te worden voorgelegd dat de identiteit van het kind bevestigt en de graad van verwantschap aantoont (kopie van de SIS-kaart).
3. Om toegelaten te worden in het kleuteronderwijs moet een kind ten minste twee jaar en zes maanden zijn.
De instapdata zijn: de eerste schooldag, na de zomervakantie, na de herfstvakantie, na de kerstvakantie, op 1 februari, na de krokusvakantie, na de paasvakantie, na hemelvaartsdag. Kleuters die 2 jaar en 6 maanden worden op een instapdatum, worden op die dag in de kleuterklas toegelaten.
Kleuters die de leeftijd van 3 jaar hebben, kunnen op alle tijdstippen instappen.
De inschrijvingen starten ten vroegste op de eerste schooldag van september van het voorafgaande schooljaar. Het is niet meer mogelijk om verschillende schooljaren voordien in een school in te schrijven. Voortaan mogen kleuters van eenzelfde geboortejaar ook ingeschreven worden tijdens dezelfde inschrijvingsperiode, al kunnen ze pas bij het begin van het daarop volgende schooljaar instappen. Na het akkoord gaan van de ouders met het pedagogisch project en het schoolreglement zijn de leerlingen ingeschreven.
4. Kleuters zijn niet leerplichtig. In het belang van de kleuter verwachten we regelmatige aanwezigheid.
5. Kinderen worden leerplichtig in september van het jaar waarin ze 6 jaar worden: ze zijn dan wettelijk verplicht om les te volgen. Ook wanneer het kind op die leeftijd nog in het kleuteronderwijs vertoeft is het onderworpen aan de controle op de leerplicht en moet het op school aanwezig zijn.
6. Een jaar langer in het kleuteronderwijs doorbrengen, vervroegd naar het eerste leerjaar stappen en een achtste jaar in de lagere school doorbrengen kan enkel na advies van directie en CLB.
7. Een leerling kan minimum 5 jaar en maximum 8 jaar in het lager onderwijs doorbrengen, met dien verstande dat een leerling die 15 jaar wordt vóór 1 januari geen lager onderwijs meer kan volgen.
8. De leerlingen zijn verplicht om alle lessen en activiteiten van hun leerlingengroep te volgen. Om gezondheidsredenen kunnen er, in samenspraak met de directeur, eventuele aanpassingen gebeuren.
9. Ouders hebben het recht af te zien van Psycho-Medisch-Sociale begeleiding. Deze weigering moet schriftelijk gebeuren. Het medisch schooltoezicht is wettelijk verplicht. De ouders hebben het recht zich te verzetten tegen de vermelde schoolarts. In dat geval dienen zij binnen de vijftien dagen na bericht met een aangetekende brief hun verzet mede te delen aan de equipe Medisch – School – Toezicht. Zij moeten vervolgens binnen de negentig dagen een andere schoolarts kiezen die verbonden is aan een door de Vlaamse regering erkende equipe M.S.T.
10. Weigering en doorverwijzing
•Weigeren kan:
- wanneer niet aan de toelatingsvoorwaarden voldaan is;
- wanneer door materiële omstandigheden de veiligheid van de leerlingen in het gedrang komt;
- wanneer een leerling het vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar definitief uitgesloten werd. Dit komt neer op een "afkoelingsperiode".
Bij weigering wordt de leerling niet ingeschreven.
• Doorverwijzen kan:
- wanneer de school de verhouding wenst te waarborgen tussen leerlingen waarvan de thuistaal wel, respectievelijk niet, het Nederlands is;
- bij inschrijving van leerlingen met specifieke noden aan onderwijs, therapie en verzorging waarbij de draagkracht van de gewone school overschreden wordt.
Bij doorverwijzing wordt de leerling voorlopig ingeschreven.
Het schoolbestuur dat een leerling weigert of doorverwijst, moet dit binnen een termijn van 4 kalenderdagen motiveren en bij aangetekend schrijven of tegen afgiftebewijs meedelen aan de ouders van de leerling en aan de voorzitter van het lokaal overleg platform.
Deze lokale overlegplatforms bemiddelen bij vragen om leerlingen door te verwijzen of het meehelpen zoeken naar een andere school in geval van weigering.
Voor de probleemdossiers inzake doorverwijzing en de klachten inzake weigering echter zal een autonome en niveauoverschrijdende Commissie inzake leerlingenrechten een oordeel uitspreken en desgevallend een voorstel van sanctie doen aan de regering.
2. Aanwezigheden
Indien een afwezigheid of een vroegtijdig verlaten van de school voorzien is, dan wordt de directie of titularis op voorhand verwittigd.
3. Afwezigheden
1. Afwezigheden in het kleuteronderwijs moeten niet gestaafd worden door medische attesten aangezien er geen leerplicht is. Toch is het aan te bevelen de directie of de kleuteronderwijzer te informeren over de afwezigheid.
2. Afwezigheden bij leerplichtige kinderen:
Er zijn 4 categorieën gewettigde afwezigheden.
• ziekte
t.e.m. 3 opeenvolgende kalenderdagen: briefje van de ouders (zie ziekteattest). Dergelijk briefje kan slechts 4 keer per schooljaar. Vanaf 5de keer is een medisch attest vereist. Is een kind méér dan 3 opeenvolgende kalenderdagen ziek dan is steeds een medisch attest vereist.
Twijfelachtige medische attesten (dixit-attesten*, geantedateerde attesten, attesten die een niet-medische reden vermelden) moeten worden gezien vanuit de invalshoek van problematische afwezigheden.
* Dixit-attesten: De laatste jaren schrijven alsmaar meer artsen dixit-attesten uit voor spijbelaars. In de plaats van te schrijven dat een spijbelende leerling ziek is, schrijft de huisarts “De leerling zegt dat hij ziek is geweest.”
• Van rechtswege gewettigd:
Hier is geen akkoord van directeur nodig. Het gaat hier over:
- Begrafenis of huwelijk van iemand onder hetzelfde dak of van bloed- of aanverwant.
- Oproeping of dagvaarding voor de rechtbank.
- Bijwonen van familieraad.
- Maatregelen bijzondere jeugdzorg en jeugdbescherming.
- Onbereikbaarheid of ontoegankelijkheid van de school door overmacht.
- Feestdagen verbonden aan de door de grondwet erkende levensbeschouwing.
• Mits toestemming van de directeur:
- Dit is bij overlijden van iemand onder hetzelfde dak of een bloed- of aanverwant t.e.m. de 2de graad.
- Voor actieve deelname bij een selectie voor culturele of sportieve manifestaties, met een maximum van 10 halve schooldagen.
- Voor uitzonderlijke persoonlijke redenen (max. 4 halve schooldagen)
Deze drie categorieën van afwezigheden zijn geen automatisme, geen recht dat ouders kunnen opeisen. Enkel de directie kan autonoom beslissen om deze afwezigheden toe te staan. De directie mag onder geen beding toestemming geven om vroeger op vakantie te vertrekken of later terug te keren. De leerplicht veronderstelt dat een kind op school is van 1 september tot en met 30 juni.
• Trekkende bevolking:
- De school zorgt voor onderwijs op afstand.
- De school en de ouders engageren zich om regelmatig te communiceren.
- Er wordt een overeenkomst opgesteld tussen de school en de ouders waarin de manier van begeleiden van het kind wordt verduidelijkt.
Alle afwezigheden die niet opgesomd en gewettigd kunnen worden zoals hierboven beschreven zijn te beschouwen als problematische afwezigheden.
De school zal de ouders onmiddellijk contacteren bij elke problematische afwezigheid en deze afwezigheid melden aan het CLB. School en CLB zullen in communicatie met de betrokken ouders een begeleidingsplan opstellen voor de betrokken ouders en hun kinderen.
Van zodra het kind meer dan 10 halve schooldagen problematisch afwezig is stelt de school samen met het CLB een begeleidingsdossier op dat ter inzage is voor de verificateurs.
4. Te laat komen
• Te laat komen stoort het klassengebeuren
• De reden van het te laat komen wordt steeds gemeld.
5. Huiswerk, agenda’s en rapporten
• Schoolagenda
Elke dag brengt het kind de schoolagenda mee naar huis. Daarin noteert uw kind de lessen en taken, soms staan er ook losse, kleine berichten in opgetekend.
Daarom vinden wij het nuttig dat de ouders elke dag eventjes de agenda van hun kind inkijken.
Daardoor voelt het kind zich gesteund, zijn de ouders op de hoogte én van de opgelegde huistaken én ook van de kleine mededelingen die een normaal schoolleven meebrengen.
Wij vragen dat de agenda elke vrijdag zou ondertekend worden. Dat mag voor de jongste ook dagelijks gebeuren.
• Huiswerk
De huistaken hebben als doel de leerstof van die dag zelfstandig te verwerken.
Lessen leren is noodzakelijk. Dit stelt het kind in staat het verband te leggen tussen wat het reeds kent en wat nieuw aangeboden werd.
Door deze naschoolse taken leren zij hun werk zelfstandig organiseren.
• Rapport
Het is de meest eenvoudige vorm om U verslag uit te brengen over de leer- en leefhouding van uw kind op school. Op vooraf vastgestelde data in het schoolkrantje van september worden het rapport en de toetsen meegegeven en door U ondertekend.
Draag zorg voor het rapport, het is een officieel document.
6. Onderwijs aan huis
Een leerplichtig kind uit het lager onderwijs heeft recht op tijdelijk onderwijs aan huis (4 lestijden per week) indien volgende voorwaarden gelijktijdig zijn vervuld:
- de leerling is meer dan 21 kalenderdagen afwezig wegens ziekte of ongeval, tenzij het gaat om een afwezigheid vanwege een chronische ziekte;
- de ouders hebben een schriftelijke aanvraag ingediend bij de directeur van de thuisschool;
- de aanvraag is vergezeld van een medisch attest waaruit blijkt dat het kind de school niet kan bezoeken en dat het toch onderwijs mag volgen;
- de afstand tussen de school (vestigingsplaats) en de verblijfplaats van betrokken leerling bedraagt te hoogste 10 km.
7. Wet op de privacy
De Wet Verwerking Persoonsgegevens van 8 december 1992 is van toepassing op de gegevens die met dit formulier opgevraagd werden. De school verwerkt deze gegevens voor de leerlingenadministratie. U kan zich tot de school wenden om deze gegevens in te kijken en ze zo nodig te laten verbeteren.
Iedere ouder heeft het recht om het publiceren van foto’s (op de website, in het schoolkrantje, in de school,…) van zijn/haar kind te weigeren. Indien u wenst dat foto’s van je kind niét gepubliceerd worden, meld je dit schriftelijk bij het begin van het schooljaar aan de directie.
8. Getuigschriften Basisonderwijs
Ieder schoolbestuur kan op voordracht en na beslissing op het Multi-Disciplinair-Overleg (MDO) een getuigschrift basisonderwijs uitreiken aan de regelmatige leerlingen uit het gewoon lager onderwijs.
Het MDO oordeelt autonoom of een regelmatige leerling in voldoende mate de doelen die in het leerplan zijn opgenomen, heeft bereikt om een getuigschrift basisonderwijs te bekomen.
Iedere leerling die bij het voltooien van het lager onderwijs geen getuigschrift krijgt, heeft recht op een verklaring met de vermelding van het aantal en de soort van gevolgde schooljaren lager onderwijs, afgeleverd door de directie.
9. Schoolverandering
Wanneer, in uitzonderlijke omstandigheden, een verandering van school nodig wordt geacht, dient de schoolverandering door de ‘nieuwe’ school aan de ‘oude’ school te worden gemeld door de schooldirectie.
10. Extra-murosactiviteiten (een- of meerdaagse schooluitstappen)
Ons streefdoel is dat alle kinderen aan de extra-murosactiviteiten deelnemen. De school gaat er van uit dat zonder tegenbericht van de ouders het kind inderdaad mag deelnemen. De ouders hebben het recht om hun kinderen niet mee te laten gaan op extra-murosactiviteiten van een volledige dag of meer, mits ze deze weigering voorafgaand aan de betrokken activiteit uitdrukkelijk schriftelijk kenbaar maken aan de school. De leerplichtige leerlingen die niet deelnemen aan extra-murosactiviteiten moeten wel aanwezig zijn op school.
11. Zittenblijven en vormen van leerlingengroepen
Op het M.D.O. wordt, in overleg en samenwerking met het CLB en de ouders beslist of een leerling kan overgaan naar de volgende leerlingengroep. Bij overgang 3de kleuterklas – 1ste leerjaar en 6de leerjaar – 1ste secundair, ligt het beslissingsrecht bij de ouders. In alle andere gevallen beslist het M.D.O.-team.
Leerlingengroepen kunnen heringedeeld worden op basis van een gewijzigde instroom (vb. in de kleuterschool na instapdatum)
12. Kosteloosheid basisonderwijs
De kosteloosheid van het basisonderwijs wordt onderverdeeld in 5 categorieën.
1. Materialen die gebruikt worden om ontwikkelingsdoelen na te streven en eindtermen te bereiken en die bijgevolg kosteloos worden aangeboden:
schoolboeken, werkboeken, fotokopieën, gereedschappen en grondstoffen, schriften, schoolagenda, schrijfgerief, tekengerief, knutselgerief, rekenmachine, passer, graadboog, tekendriehoek, geodriehoek, woordenboek, muziekinstrumenten, atlas.
Op de vraag “mogen onze kinderen hun eigen materialen gebruiken?” kunnen we een positief antwoord geven.
2. Kosten die tot de scherpe maximumfactuur behoren:
Dit zijn de activiteiten die en het materiaal dat de school, naast de ontwikkelingsdoelen en de eindtermen, kiest binnen het eigen pedagogisch project. Het gaat hier om materialen die door de school verplicht worden opgelegd en om de activiteiten die de school tijdens de schooltijd aanbiedt ter verlevendiging van het onderwijs.
Een voorbeeld van materiaal: vb. tijdschriften indien de aankoop ervan verplicht wordt, …
Enkele voorbeelden van activiteiten: zwemmen, culturele activiteiten, natuuruitstappen, sportactiviteiten tijdens de onderwijstijd, ééndaagse schoolreis/studiereis, …
Voor de kleuterschool kan hiervoor aan de ouders max. 20 euro per leerjaar/per jaar worden doorgerekend.
Voor het lager onderwijs kan aan de ouders een bedrag van max. 60 euro per leerjaar/per jaar worden doorgerekend.
3. Kosten die tot de minder scherpe maximumfactuur behoren:
Dit zijn de bijdragen die ouders betalen voor deelname van hun kinderen aan meerdaagse extra-murosactiviteiten (zoals bos-, sneeuw-, zee-, heideklassen,….), en die niet tijdens de vakanties plaatsvinden.
Ouders kunnen hiertoe niet verplicht worden en de school voorziet in een alternatief programma voor de leerlingen die niet aan deze meerdaagse extra-murosactiviteiten deelnemen.
In het hele lager onderwijs (alle jaren samen) mogen de ouders maximaal 360 euro betalen voor deze activiteiten. Voor kleuters mogen hiervoor geen kosten doorgerekend worden aan de ouders.
4. Bijdrageregeling:
Andere kosten te betalen aan de school.
‘Services’ naar de ouders toe, activiteiten buiten de schooluren, …
Bvb.: maaltijden, middagtoezicht, voor- en naschoolse opvang, sportactiviteiten op woensdagnamiddag, …worden niet verplicht. Gevraagde kostprijs is in verhouding tot de geleverde prestatie.
5. Basisuitrusting:
Materialen die gepaard gaan met het naar school gaan, die de link vormen tussen school en thuis.
Ouders kopen deze zaken naar eigen keuze aan op de vrije markt (bvb. boekentas, pennenzak, kaftpapier, …)
De school legt geen verplichting op over welk soort boekentas, pennenzak, … dit moet zijn! (anders behoren deze zaken eveneens tot de scherpe maximumfactuur).
13. Geldelijke en niet-geldelijke ondersteuning die niet afkomstig is van de Vlaamse Gemeenschap en de rechtspersonen die daarvan afhangen (reclame- en sponsorbeleid)
Binnen de vzw ECOV wordt er geen ruimte voorzien voor reclame en sponsoring door derden van de school.
14. Het orde- en tuchtreglement
Het orde- en tuchtreglement is een middel om de goede gang van zaken in onze opvoedingsgemeenschap te vrijwaren.
Wanneer een leerling de goede werking van de school hindert of het lesverloop stoort, kan er een ordemaatregel genomen worden;
Mogelijke ordemaatregelen zijn:
• een verwittiging;
• nuttig werk doen op school : vb.wat vuil gemaakt is weer poetsen, speelplaatsen opruimen, banken goed zetten, in de eetzaal helpen,…;
• strafwerk maken thuis;
• naar de strafstudie gaan;
• een tijdelijke verwijdering uit de les gevolgd door aanmelding bij de directie;
• aangerichte schade vergoeden;
Deze ordemaatregelen kunnen genomen worden door elk personeelslid van de school in samenspraak met de directie en de beslissing wordt steeds in de schoolagenda van de leerling genoteerd.
Ouders vertrouwen de opvoeding van hun kind, gedurende de tijd dat het op school is, aan de school toe. Een kind dat een sanctie oploopt, heeft dat ook verdiend. Indien er vragen of opmerkingen zijn, kan je er komen over praten.
Wanneer het gedrag van de leerling werkelijk een probleem betekent voor het verstrekken van het onderwijs en/of het opvoedingsproject van de school in het gedrang brengt, kan er een tuchtmaatregel genomen worden.
Mogelijke tuchtmaatregelen zijn:
• Een schorsing: dit houdt in dat de gesanctioneerde leerling gedurende een bepaalde periode de lessen en activiteiten van zijn leerlingengroep niet mag volgen, maar betekent niet dat de betrokkene niet op school moet zijn.
• Een uitsluiting: dit houdt in dat de gesanctioneerde leerling definitief uit de school verwijderd wordt op het moment dat deze leerling in een andere school is ingeschreven en uiterlijk één maand, vakantieperiode niet inbegrepen, na de schriftelijke kennisgeving van de beslissing van de uitsluiting. In afwachting daarvan bevindt betrokken leerling zich in dezelfde toestand als een geschorste leerling en moet dus op school aanwezig zijn.
• Bij het nemen van een beslissing tot schorsing van meer dan één dag of een beslissing tot uitsluiting wordt de volgende procedure gevolgd:
- de directeur wint het advies in van het leerkrachtenteam en het CLB;
- de leerling wordt, in aanwezigheid van de ouders en eventueel bijgestaan door een raadsman, voorafgaandelijk gehoord over de vastgestelde feiten. Voormelde personen worden hiertoe vijf werkdagen vooraf per brief verwittigd;
- de ouders hebben inzage in het tuchtdossier van de leerling;
- de genomen beslissing wordt schriftelijk gemotiveerd en schriftelijk ter kennis gebracht aan de ouders van de betrokken leerling.
• Tegen tuchtmaatregelen is er geen beroep mogelijk, behalve tegen uitsluiting. Uiterlijk vijf werkdagen na ontvangst van de beslissing tot uitsluiting, kunnen de ouders schriftelijk beroep indienen bij de voorzitter van de beroepscommissie:
Diocesaan Bureau voor het Katholiek Onderwijs
Beroepscommissie basisonderwijs
Marialand 31
9000 GENT
Het beroep schort de uitvoering van de eerder genomen tuchtbeslissing niet op.
De leerling wordt samen met zijn ouders per brief opgeroepen om te verschijnen voor deze beroepscommissie. Uiterlijk vijf dagen na ontvangst van het beroep komt deze beroepscommissie dan samen.
De ouders hebben inzage in het dossier.
De beroepscommissie brengt de ouders binnen de vijf werkdagen per aangetekend schrijven op de hoogte van haar gemotiveerde beslissing. Deze beslissing is bindend voor alle partijen.
Een personeelslid van de school kan niet optreden als vertrouwenspersoon.
Buitenstaanders mogen het tuchtdossier niet inzien behalve mits schriftelijke toestemming van de ouders.
de onderwijskundige en pedagogische activiteiten van de school.